‘Denk vooruit’-campagne voor boeren ter voorbereiding op noodsituaties

In deze week vraagt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) aandacht voor het belang van een goede voorbereiding op noodsituaties. Volgens het ministerie is het nu een goed moment om als boerenbedrijf te starten met een draaiboek. ‘Ieder draaiboek is uniek, want elk bedrijf is uniek. Maar de stappen om een draaiboek samen te stellen zijn altijd hetzelfde.’ Starten kan aan de hand van een aantal vragen op denkvooruit.nl/bedrijven.
Stroomuitval
Het ministerie maakt het belang van een draaiboek op de volgende manier concreet. ‘Stel je voor dat een landbouwbedrijf op volle capaciteit draait: irrigatiesystemen pompen water op akkers, oogstmachines en drogers verwerken gewassen en melkmachines zorgen ervoor dat koeien op tijd gemolken worden. Dan valt de stroom uit.’ Pompen werken niet meer, koelsystemen vallen uit en machines haperen. ‘Vanwege dierenwelzijn of gewasbescherming moet een boer snel in actie komen. Bij langdurige stroomuitval kan hij of zij noodaggregaten en back-up-ventilatie inzetten, maar niet voorkomen dat een deel van de opbrengst verloren gaat.’
Schade kwart bedrijven
Volgens EZK blijkt dat een kwart van de bedrijven de afgelopen tijd in grote mate schade heeft ondervonden door gevolgen van noodsituaties, zoals stroomuitval of uitval van internet. ‘Door ontwikkelingen in de wereld en klimaatverandering wordt de kans op een noodsituatie steeds groter. Stroomuitval kan een bedrijf plotseling stilleggen.’
Draaiboek voor boeren
In het draaiboek kan een boer vastleggen hoe een bedrijf draaiende te houden tijdens een noodsituatie. Daarbij zijn volgens het ministerie drie thema’s van belang: het bedrijf, de keten en de omgeving. ‘Als het om het bedrijf gaat is het van belang in kaart te brengen welke mensen, producten en systemen cruciaal zijn voor een bedrijf. Is de noodaggregaat op orde? Welke pompen zijn essentieel voor irrigatie? Hoe lang kunnen de koelcellen het zonder stroom volhouden? En is er back-up-ventilatie voor de stal?’ Als er in de keten één schakel uitvalt, is het volgens EZK de vraag wat dat betekent voor andere bedrijven in de keten. ‘Wat als de coöperatie geen zaaigoed kan leveren? Wat als er langere tijd geen veevoer geleverd kan worden?’ En wat zou een boer tenslotte kunnen doen in zijn omgeving. ‘Kun je bijvoorbeeld die vragen te helpen jouw koeien te melken, in ruil voor de melk die dat oplevert?’




